Herdenking van tien gefusilleerde slachtoffers
Woensdagavond 7 oktober om 18.30 uur herdachten veel belangstellenden bij het oorlogsmonument aan het Haantje de tien slachtoffers die op die datum in 1944 werden doodgeschoten op de spoorwegovergang. Sinds de oprichting van het monument in 1970 wordt hier elk jaar bij stilgestaan.
De kinderen van basisschool KC BuitenRijck, hebben het monument geadopteerd en zorgen het hele jaar voor het onderhoud en leren de geschiedenis in de klas. Leerlingen droegen tijdens de herdenking een gedicht voor en legden bloemen.
Als wraak voor sabotage
De slachtoffers werden doodgeschoten als vergelding voor een sabotageactie op de spoorbaan door het verzet, hoewel ze geen enkele betrokkenheid hadden bij de sabotage van de spoorlijn.
Het monument herdenkt tien Haagse verzetsmensen die op 7 oktober 1944 werden doodgeschoten als wraak voor een sabotageactie van het verzet op de spoorlijn. Hoewel deze mannen geen betrokkenheid hadden bij de sabotage, werden zij op de spoorwegovergang gefusilleerd. Enkele omwonenden moesten verplicht toekijken. Dit had een grote impact op de Rijswijkse bevolking. Daarom wordt deze gebeurtenis elk jaar op deze plek herdacht.
Krans legging
Burgemeester Huri Sahin legde met raadslid Yoram van der Meij een krans bij het monument. Pieter Bogaard vertelde het levensverhaal verhaal van zijn opa Petrus Johannes (Pieter) Bogaard (42) één van de tien gefusilleerde mannen. Uit heel Nederland waren nabestaanden van Pieter aanwezig. Om ongeveer 18:50 uur blies een trompettist het Taptoe-signaal blazen, waarna één minuut stilte werd gehouden, gevolgd door het Wilhelmus en de kranslegging. Daarna liepen belangstellenden langs het monument en legde een aantal bloemen.





