De gemeente Rijswijk moet halverwege volgend jaar plek hebben voor 291 asielzoekers. Dat blijkt uit cijfers die minister Van den Brink vrijdag bekendmaakte. Dit is op basis van de spreidingswet, die voorlopig blijft bestaan.
Verdeling op basis van inwoners en welvaart
Het aantal opvangplekken hangt af van het aantal inwoners en de welvaart in een gemeente. Gemeenten met hogere inkomens, beter opgeleide mensen en weinig werkloosheid krijgen meer plekken, meldt het AD. Voor Rijswijk zijn dat er negen minder dan wanneer alleen naar het inwonertal gekeken zou worden.
Landelijk moeten er veel plekken komen
Landelijk moeten er in 2027 in totaal 88.000 opvangplekken zijn. Dat zijn er minder dan de 96.000 waar gemeenten nu nog aan werken. De opvangorganisatie COA weet over anderhalf jaar zeker dat er ongeveer 50.000 plekken zijn. Er moeten dus nog zo’n 38.000 plekken worden geregeld, ook in Zuid-Holland.
Overleg tussen gemeenten
De bekendmaking is het begin van overleg tussen gemeenten in Zuid-Holland. Gemeenten die al veel statushouders of Oekraïense vluchtelingen opvangen, kunnen misschien minder plekken krijgen. In Rijswijk woonden vorig jaar 148 statushouders en op 1 november 442 Oekraïense vluchtelingen.
Provincie maakt voorstel
De provincie Zuid-Holland stuurt aan het eind van dit jaar een voorstel naar de minister over de verdeling van 18.175 plekken. Op dit moment zijn er al 6743 plekken geregeld, dus er moeten nog 11.432 bijkomen. Als gemeenten het niet eens worden, beslist de minister zelf.
Eerdere verdeling
Eerder gebeurde dit ook. Rijswijk had toen eerst 306 plekken, maar het werden er uiteindelijk 350. Rotterdam leverde de meeste plekken in Zuid-Holland: 2500.
