Rijswijkse Jeugdzorg op de schop: vaker ‘nee’ zeggen tegen kleine hulpvragen
De gemeente Rijswijk wil de jeugdzorg anders gaan aanpakken. Aanleiding is een verwacht tekort van 5,6 miljoen euro in 2026, maar ook de sterke groei van het aantal kinderen en jongeren dat een beroep doet op jeugdzorg. Wethouder René Peters (Sociaal Domein) wil scherper kijken welke hulpvragen daadwerkelijk jeugdzorg nodig hebben. “We moeten ombuigen met een visie wat we wel en niet doen.”
Van 1 op 22 naar 1 op 7
Volgens Peters is het aantal kinderen met een hulpvraag sterk gestegen. “Van 1 op de 22 kinderen naar 1 op de 7 kinderen vraagt om een hulpvraag.” Ook het aantal diagnoses en doorverwijzingen speelt volgens de wethouder een rol. In tien jaar is de druk verdrievoudigd. “Er moeten meer diagnoses gesteld worden voor doorverwijzingen.” Peters ziet daarnaast een probleem in de duur van de hulp: “Eenmaal in de zorg is eigenlijk nooit meer uit de zorg.” Daar wil de wethouder verandering in brengen. “We gaan wel degelijk strak kijken of dit goed genoeg is. We gaan strak kijken of de jeugd die in de hulpverlening komt er ook weer uit komt.” “Strak kijken om daar op de sturen zodat eenmaal in de zorg ook uit de zorg wordt”, zegt Peters. Als er geen ontwikkeling meer nodig is, ziet hij langdurige zorg als mogelijkheid.
Minder snel professionele hulp
Rijswijk wil volgens Peters meer kijken naar oplossingen in de eigen omgeving. Een kind dat bijvoorbeeld moeite heeft met slapen, hoeft volgens hem niet automatisch individuele professionele begeleiding te krijgen. “Kind kan niet slapen. Je kan er een coach op zetten of collectief oppakken met een groepje en dus niet indivueel”, zegt Peters. Ook sociale voorzieningen kunnen volgens de wethouder een rol spelen. “Iemand die moeilijk contacten legt kan naar de scouting enzovoort.” “We moeten minder dingen erg vinden” Peters wil voorkomen dat steeds meer alledaagse problemen onder jeugdzorg vallen. “We moeten minder dingen erg vinden.” Ook moet volgens hem de bureaucratie worden verminderd en moeten wijkteams meer problemen zelf kunnen oplossen. “Bureaucratie kleiner maken. Wijkteams problemen zelf op te laten pakken. Een sterk team kan zelf oplossen wat zelf op te lossen is en wat wel echt hulp nodig heeft.”
Kiezen wat wel en geen zorg is
Meer investeren in preventie ziet Peters niet automatisch als de oplossing. “Meer steken in preventie is geen goed idee.” Volgens Peters moet vooral duidelijker worden bepaald wat wel en geen zorgvraag is. Hij verwijst daarbij ook naar Abu Taleb, die volgens Peters in een artikel in de krant stelde dat we overdrijven. “We moeten gaan kiezen wat we wel zorg vinden en wat we geen zorgvraag vinden.”
Huisartsen als bondgenoten
Ook huisartsen krijgen een belangrijke rol in de nieuwe aanpak. Peters wil met hen bespreken welke hulpvragen geen medisch antwoord nodig hebben en wanneer een wijkteam een passende eerste stap kan zijn. “Niet alles hoeft te worden doorverwezen naar specialisten maar naar wijkteams.” Als voorbeeld noemt Peters een kind dat slecht slaapt. “Als een kind niet goed slaapt kan je ook proberen zijn telefoon niet in bed te leggen en structuur in slaaptijd aan te brengen. Misschien een ritueel bekijken met een wijkteam.” Volgens Peters betekent dat niet dat ieder probleem een medische behandeling nodig heeft. “Hierdoor is dus niet alles een medisch probleem, maar misschien een opvoedprobleem. Dat kan via een wijkteam verlopen.” De samenwerking met huisartsen vindt hij daarbij belangrijk. “Huisartsen zijn onze bondgenoten om dit probleem aan te pakken en op te lossen.”
“Een 6,5 is genoeg”
Peters wil niet dat voor iedere hulpvraag de meest uitgebreide oplossing wordt gezocht. “Lijn van wethouder is helder. Een 6,5 is genoeg. We moeten niet teveel gemeenschapsgeld inpompen terwijl we dat niet hebben, maar ook de menskracht voor de grote problemen hebben we ook niet.” Daarbij moeten volgens hem middelen beschikbaar blijven voor jongeren met grotere problemen. “6,5 is goed genoeg om middelen over houden voor mensen met grote problemen.” Peters noemt de huidige situatie onhoudbaar. “De huidige situatie met de jeugdzorg is onhoudbaar. Sinds 2015 zijn de kosten verdubbeld, zonder dat experts hier een maatschappelijke verklaring voor hebben.”
Tekort van 5,6 miljoen euro
Rijswijk verwacht in 2026 28,1 miljoen euro uit te geven aan jeugdzorg. In de begroting was daarvoor 22,5 miljoen euro opgenomen, waardoor een tekort van 5,6 miljoen euro wordt verwacht. Volgens de gemeente wordt de stijging vooral veroorzaakt door het groeiende aantal jongeren dat instroomt. Gezinnen krijgen daarnaast vaker professionele hulp bij brede opvoedvragen, terwijl ook jeugdhulp met verblijf vaker voorkomt.
Daarnaast neemt jeugdhulp volgens de gemeente steeds meer taken over binnen het onderwijs. Ook de kosten van zorg via een persoonsgebonden budget (PGB) en het Jeugdwetvervoer zijn gestegen.
“De weg is anders doodlopend”
Volgens Peters zijn de keuzes nodig om de jeugdzorg op langere termijn beschikbaar te houden. “We moeten kiezen want anders is de weg doodlopend. Niet alleen hier maar in het hele land.” De wethouder wil uiteindelijk vooral voorkomen dat jongeren die de hulp echt nodig hebben tussen alle hulpvragen verdwijnen. “laten we zorgen dat de kinderen die echt hulp nodig hebben ook echt de hulp krijgen” De gemeente wil de maatregelen samen met de gemeenteraad verder uitwerken. Peters zegt daarover: “Dit gaan we uitwerken en aan de raad voorleggen in de volle verwachting dat het breed gedragen gaat worden.” De wethouder vat zijn uitgangspunt als volgt samen: “Ik vind dat de gemeente een schild moet zijn voor de zwakken en niet voor de kleine problemen.” De maatregelen moeten volgens Peters bijdragen aan het op peil houden van de voorzieningen. “Om de voorzieningen op pijl te houden zijn dit stappen die we moeten zetten.”
Uiterlijk medio maart 2027 volgt een update over de verdere uitwerking.