Op middelbare scholen duikt een nieuwe online trend op: ‘Raad de leerling’. Achter anonieme accounts op Instagram, TikTok of Snapchat plaatsen jongeren foto’s en beschrijvingen van klasgenoten. Volgers moeten raden wie het is. Voor buitenstaanders lijkt het een spelletje, maar voor de leerling die centraal staat kan de impact groot zijn.
De berichten lijken op een rebus. Bijvoorbeeld: “havo 2, blond haar, rode jas.” Vaak worden er negatieve opmerkingen bij gezet en het kind wordt in reacties alsnog genoemd zonder toestemming. Dat leidt tot spanning in de klas en op het schoolplein.
Gesloten omgeving
Thomas Vermeij van jongerenwerk Stichting Epic Youth ziet dit al langer gebeuren. “Dit soort online spelletjes komen in verschillende vormen al een aantal jaar voor. Het begon met Gossip Girl, dat waren roddelaccounts op scholen. Dat is doorontwikkeld naar het huidige ‘Raad de Leerling’. Op TikTok en Instagram zie je het veel voorbijkomen. Op Snapchat ook, maar dat is een meer geslote omgeving. Het komt ook voornamelijk voor op platformen voor een jonge doelgroep, waar de ouders geen verstand van hebben. Wat dat betreft is er een gigantische kloof,” legt hij uit. Volgens Vermeij zit de schade niet alleen in grove beledigingen. Ook zonder kwetsende woorden kan dit veel stress geven.
Donkere gedachten
Wethouder Larissa Bentvelzen maakt zich zorgen. “Die kloof maakt dit onderwerp voor ouders ook lastig,” zegt ze. “Een vriendin van mij vertelde laatst dat er zo’n berichtje binnenkwam op Snapchat, maar dat was ook meteen weer verdwenen. Je hebt er als ouder bijna geen controle over.” Bentvelzen zag zelf hoe zwaar dit voor jongeren kan wegen: “Ik vond het schokkend te ontdekken dat er zo’n duistere wereld schuilt achter het in eerste optiek leuke Snapchat. Ik ken het als app waar je een foto kan maken alsof je een hond bent, maar ondertussen zitten er kinderen diep verdrietig en met hele donkere gedachten thuis, door dit soort pestaccounts die op scholen rondgaan. Leerlingen kunnen echt kapot gemaakt worden door andere kinderen. Ik vind het verschrikkelijk.”
Blinde vlek voor ouders
Veel ouders hebben weinig zicht op de online leefwereld van hun kind. Vermeij vergelijkt het met sport: “We zijn als ouders vaak wel betrokken bij de voetbalvereniging. In welk team zit mijn kind? Op welke positie staat deze? In de regen staan we op zaterdagmiddag mee te kijken langs de zijlijn. Maar ditzelfde doen we niet online.” Hij adviseert ouders interesse te tonen in apps en games: “Verdiep je in de leefwereld van kinderen, zodat je iets meer weet van Snapchat, TikTok en Instagram in het algemeen. Je hoeft geen vloggende moeder te worden om aansluiting te vinden, maar zorg dat je er wel iets over weet.”
Wat ouders kunnen doen
Signalen zoals terugtrekken, slecht slapen of veel op de kamer zitten kunnen wijzen op problemen. Bentvelzen: “Wat je als ouder kunt doen is er in elk geval zíjn voor je kind. Leg af en toe ook je eigen telefoon weg en voer het gesprek met je kind.” Epic Youth adviseert daarnaast praktische stappen: rapporteer het account op het platform en meld het op school. Blijf vooral praten en zorg dat het kind zich veilig voelt.
Voorlichting op scholen
Rijswijk pakt het probleem preventief aan via het programma Preventie Met Gezag. Projectleider Dennis Bodano legt uit: “PMG is een programma om te voorkomen dat jeugdigen in de criminaliteit terechtkomen. Scholen krijgen voorlichting via het programma Dealbrekers voor de eerste tot en met vierde klas. Op basisscholen zijn we daarnaast gestart met ‘Kapot Sterk’, een programma waarin leerlingen leren weerstand te bieden aan druk van anderen.” Volgens Vermeij helpt die samenwerking: “Rijswijk is één van de voorlopers als het gaat om korte lijntjes. Er is veel structuur in het overleg met de scholen. Zij weten ons goed te vinden als er iets speelt. Daardoor escaleert het hier niet zo vaak.”
Ingrijpen is belangrijk
Bentvelzen benadrukt het belang van betrokkenheid: “Kijk niet alleen op het sportveld mee langs de zijlijn, maar ook online. Juist daar speelt een groot deel van het leven van jongeren zich af. Wie weet wat er speelt, kan eerder ingrijpen en voorkomen dat een digitaal spelletje uitgroeit tot echt leed.”
